• 12 januari 2016
  • Onderstaande bijdrage van Sjoerd Spoelstra stond in het leerlingen/oudersblad van het Coenecoop College – Waddinxveen.

    Er is veel publiciteit over het gebruik van ICT in de school. Vaak wordt dit voorgesteld als een rechtlijnige route. “Mijn nichtje is gestart in een I-pad klas, zijn ze op jullie school al zo ver ?”, wordt gevraagd.  Er zijn genoeg voorbeelden van succesvol gebruik van ICT in scholen, maar insiders weten dat het allemaal niet zo rechttoe-rechtaan is. Goed onderwijs kun je niet gelijk stellen aan onderwijs met veel ict, en je kunt stellen dat er ook slecht onderwijs gegeven kan worden in i-pad klassen.

    Nu is er een rapport verschenen van de Europese “Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling”. Aleid Truijens vat in haar column in de Volkskrant samen dat het rapport aantoont dat beperkt ICT-gebruik op school zinvol is, maar dat bij veel ICT-gebruik leerlingen juist slechter presteren. De conclusie van het rapport is hard, maar gebaseerd op jarenlange metingen in heel veel landen.

    Gerard Verhoef, bestuurslid van Beter Onderwijs Nederland, viel haar bij met “Onze kinderen verdienen uitstekende leraren, uitstekende iPads hebben ze thuis wel”.

    Verder stelt hij “Computers zijn niet de Haarlemmerolie van het onderwijs en al helemaal geen reden om het onderwijs volledig anders in te richten. Laat bevoegde en hoogopgeleide leraren zelf bepalen op welke manier zij ICT in de klas willen gebruiken.

    En dat is een geluid dat goed aansluit bij hoe er binnen het Coenecoop College tegenaan gekeken wordt.

    Er zijn zeker 21ste eeuwse vaardigheden die leerlingen onder de knie moeten krijgen. Maar eerlijk gezegd zijn die van ons al heel lekker bezig.

    Ook vinden we het als leraren bezwaarlijk om onze lessen, onze apparaten en dus ook onze leerlingen 100% afhankelijk te maken van één bepaald product of merk. Onze leerlingen moeten leren om kritisch na te denken over de keuzes in hun leven. Met een hele school achter één trend aan lopen biedt geen goed voorbeeld. Ook als een Maurice de Hond zegt dat dat moet.

    Goed onderwijs is een uitdaging, en dat vraagt elke les een topprestatie van de docent – en het liefst ook van de klas. Daarbij geeft het middel ICT heel veel mogelijkheden. Om te motiveren: leerlingen vinden het leuk om in een les een i-pad te gebruiken, om vaker te testen: een “Kahoot”, een kwis, of een oefening is een welkome aanvulling van het repertoire. Maar elke les vanaf de i-pad? Om daarbij alles van een schermpje te lezen ? Sommigen zitten thuis al langer voor een beeldscherm dan hun ouders lief is.

    En ICT geeft ook didactische mogelijkheden. Sommige docenten gebruiken “flip the classroom”. Dat betekent dat een docent met een vak waarbij uitleg en oefenen belangrijk zijn de traditionele aanpak “flippen” of omdraaien. In plaats van dat de uitleg in de klas plaats vindt en het oefenen door middel van huiswerk thuis gebeurt…doen ze dit andersom. De leerling bekijkt thuis internet filmpjes of presentaties op hun computer/ipad/tablet/smartphone….en de tijd op school wordt gebruikt om  te oefenen, te trainen, vragen te stellen, in een groep te werken. Met de leraar en andere echte mensen.

    Een keuze die het Coenecoop College heeft gemaakt is dat de regie van het onderwijs stevig in de handen van de docent ligt. Voor zaken als absentiecontrole en huiswerk registratie hebben we een centraal systeem, waarbij we ouders ook mee laten kijken. Ook stellen we de docenten in staat om met een eigen “device” en met smartboards in alle lokalen hun lessen optimaal te presenteren.

    Wij denken dat scholen die hun leerlingen verplichten om één bepaald apparaat te gebruiken een voorbijgaand verschijnsel zullen zijn. Om dat goed te doen is een zwaar aangezette ICT afdeling nodig, met een helpdesk, een tablet-dokter, met veel systeembeheerders en i-padkluizen. Wij vatten onze taak als school anders op: wij willen leerlingen leren om te overleven en op te bloeien in een wereld waar zij bepalen met welke “tools” ze hoe willen werken. En niet andersom.

    SjoerdSpoelstraSjoerd Spoelstra


    Een eerste reactie van Alex-Jan Sigtermans
    Hoofd ICT
    LVO Parkstad
    Zeer terecht geeft Sjoerd aan dat de rol van de docent leidend is. Hij/zij kan het onderwijs veranderen, personaliseren, leuker maken… niet het apparaat of de software. Aanwezigheid van de juiste middelen is wel van belang, om de docent in staat te stellen dit te doen, maar moet niet leidend zijn. Een breed scala aan verschillende apparaten, geheel in beheer door de leerling, kan voor docenten (in het begin) een struikelblok zijn. Door alle nieuwe onderwijsontwikkelingen kan het soms goed zijn de docent te ontzorgen, door hem of haar zekerheid te bieden over waar de leerling over beschikt en waar de docent in de les van uit mag gaan. Het zijn met name de digitale vaardigheden bij leerling (en docent) die van belang zijn om een grote behoefte aan ict-helpdesks te voorkomen. Natuurlijk zien we uiteindelijk iedere docent graag als architect van zijn eigen onderwijs; met welke tool dan ook, en de wens dat ieder kind over al die mogelijke tools beschikt. Dat laatste is helaas niet altijd zo, de situatie op iedere school en in iedere regio verschilt. Ook hier geldt: differentiëren en maatwerk!;

     

    komenskypost parnassys drp_animatie threeships prowise1 prowise1 RDL b2pn120x120
    sms-taal120x75